Log in
Tijdens mijn eerste ontmoeting met Paul Koeslag doolden we door een net geopend crematorium. Hij was nieuw in de branche - ‘mijn enige ervaring is vier keer als mede- opdrachtgever’- , had zich goed ingelezen, en dit was een van zijn eerste uitstapjes in het nieuwe werkveld. Paul, eager om zijn nieuwe branche te leren kennen, vroeg me de oren van het hoofd, terwijl we laveerden tussen de hapjes en de fraai getinte stoelen, de drankjes en het glimmend staal van aflegtafel en ovendeur. Al slalommend probeerde ik – je bent journalist of niet – ondertussen ook het een en ander over hem en zijn visie op de branche te weten te komen. Daarvoor was het te vroeg, zei hij. Eén bevinding wilde hij echter wel kwijt, toen we, na onderweg vele handen te hebben geschud, een uitgang bereikten: ‘het is een branche van doeners’.
Marjon Weijzen

Doeners

Acht jaar later kunnen we vaststellen dat oud vakbondsman Koeslag zich thuis voelt in die branche van ondernemende doeners. Bij zijn aantreden was hij de eerste – en nu blijkt ook laatste- onafhankelijk voorzitter van de branche. Zijn voorganger René Kaarsemaker, had als interimvoorzitter de ‘uitvaartondernemers’ van de NUVU en de ‘–managers’ van de VOU met elkaar verbonden in de BGNU. Koeslag voelde al snel als een vertrouwd boegbeeld van de uitvaartbranche.

Reflectie

Een boegbeeld dat best moeite heeft om afscheid te nemen. Een eerste afspraak voor een afscheidsinterview stelt hij uit. Hij voelt nog niet voldoende afstand. We spreken elkaar – op de voor mij de laatst mogelijke dag: het Brancheblad heeft een productietijd van een paar weken – tijdens een wandeling op de Posbank, op een steenworp afstand van mijn huis. Zíjn voorstel: dan kan hij in de rit ernaartoe nog een en ander op een rijtje zetten. Ook tijdens de wandeling blijkt nog tijd genoeg…