Mensen met een zorg- of hulpverlenend beroep kunnen door de aard van hun werk mentale klachten krijgen, zoals overspannenheid. De onregelmatige werktijden, werkdruk, veel verantwoordelijkheid en ‘je kan het maar één keer doen’ zijn daarbij factoren. Maar daarnaast lopen zij ook risico op iets anders dat veroorzaakt wordt door hun werk: compassiemoeheid en secundaire traumatische stress. Beide hebben te maken met voortdurende confrontatie met het leed of trauma van anderen. Wat kan je als uitvaartprofessional doen om de risico’s hierop te verkleinen?
Meelevendheid tonen met nabestaanden is vaak iets waar uitvaartprofessionals veel voldoening uit halen in hun werk. Geruststellen, overzicht creëren en een luisterend oor bieden; het is fijn om iemand daarmee te kunnen helpen in tijden van rouw en verlies. Maar in die meelevendheid schuilt ook een valkuil: compassiemoeheid (compassion fatigue). Dit is emotionele, fysieke en mentale uitputting door het voortdurend meeleven met het lijden van anderen.
Ook een vorm van werkgerelateerde uitputting, maar vanwege de oorzaak die vooral in het meeleven en inleven zit niet te vergelijken met een burn-out. Als hulpverleners zoveel van zichzelf geven zonder hun eigen (emotionele) batterij weer op te laden en niet genoeg momenten creëren van afstand nemen van het werk, kan hun reservoir van empathie en medeleven op raken. Ze kunnen dan snel geïrriteerd reageren, hun geduld verliezen, cynisch worden, afdwalen of bepaalde mensen vermijden. Compassiemoeheid kan op lange termijn lijden tot gezondheidsklachten als depressie of burn-out.
Log in of abonneer om het artikel te lezen.
Wilt u een account aanmaken?
Registreer