Lees verder
Brancheblad Uitvaartzorg stelt in 2022 een panel samen van uitvaartprofs. Elke digitale editie geven twee uitvaartkanonnen hun visie. Deze keer reageren GreenLeave-voorzitter Evert de Niet en interim-manager en uitvaartondernemer Patty-Lou Leenheer op de vraag: hoe komen we tot een duurzame en inclusieve uitvaartbranche?
Evert de Niet, Patty-Lou Leenheer

Patty-Lou Leenheer

Praten over onze kwetsbaarheid

Patty-Lou Leenheer werkt achttien jaar in de uitvaartbranche, bij veel verschillende bedrijven, onder andere voor interim-klussen. Zo werkte ze voor PC, voor Van Vuure, Funeral Assist en Begraafplaats Bloemendaal. Ze heeft in IJmuiden haar eigen uitvaartonderneming Getijden Uitvaartzorg. Leenheer is socioloog  en maakt met Richard Grootbod ook de uitvaartpodcast Helemaalaanheteinde.

“Als we het hebben over inclusieve verduurzaming, dan moeten we het hebben over de zorg voor elkaar. Want hoe doen we dat eigenlijk? Als we het hebben over het kunnen delen van onze ervaringen, momenten die schokkend (kunnen) zijn, hoe doen we dat eigenlijk? Doen we dat wel voldoende? Want uitvaartprofessionals, in welk onderdeel van de branche zij ook werken, krijgen op een of andere manier te maken met de heftigheid van het vak dat er ook kan zijn.

Heftig vak

Van de kistbouwer die kennis moet hebben van de invloed van lichaamsvloeistoffen op zijn materialen tot de rouwwagenchauffeur die een kindje wegbrengt. Maar vanzelfsprekend ook thanatopracteurs, overledeneverzorgers, rouwcentrummedewerkers en uitvaartbegeleiders. Allen krijgen ze te maken met situaties die hen raken. Raakt het hen niet (meer), dan hebben we zéker nog werk te doen.

Slechte film

Ikzelf kan me nog goed herinneren dat een lieve collega mij achttien jaar geleden, toen ik begon in het vak als uitvaartbegeleider, tegen mij zei ‘Je moet het vooral niet allemaal gewoon gaan vinden, kom zo nu en dan bij me langs om me te vertellen hoe je dag was’. Adrie Kloosterman was een kanjer daarin en begreep dat ‘het vak’ iets van ons vraagt wat absoluut aandacht verdient.

En zo kwam het dat ik zo nu en dan met hem belde. Bijvoorbeeld wanneer ik in één week tijd met twee zelfdodingen en het overlijden van een kind te maken kreeg. Situaties waarbij je dan ook echt bij mijn collega-overledeneverzorgers binnenliep om te overleggen. Wat is er nog mogelijk aan opbaren? Welke reconstructieve acties kunnen worden gedaan, zodat de nabestaanden nog afscheid kunnen nemen. Kunnen we ‘desnoods’ alleen nog een hand opbaren? En samen met de verzorgers ‘raap je’ iemand bijeen, als ware het een puzzel. Achteraf weet ik van mezelf dat ik dat als een soort onwerkelijke film aan mij voorbij liet gaan. Ik was bezig met mijn werk en troostte me met de gedachten dat we met een team er alles aan deden er voor de nabestaanden te zijn.

Meer ellende

En zo zijn er voldoende situaties waar collega’s in het vak mee te maken krijgen: een opgebaard kind waar je dagelijks ‘de controle’ bij doet en de volgende details van de uitvaart bespreekt met murw-geslagen ouders. En dat terwijl jij misschien wel kinderen in dezelfde leeftijd hebt.

De overledene die al een aantal dagen dood in het water ligt of de collega’s die zich al die maanden hebben ontfermd over de slachtoffers van de MH17. Wanneer je dagelijks te maken krijgt met verhalen en situaties die gaan over onze kwetsbaarheid is het niet meer dan normaal dat je er toch over kunt praten.

Professioneel uithuilen

Dat kan doorgaans niet echt met vrienden en bekenden, is ook mijn ervaring. Als je het erover wilt hebben, doe je dat het liefst met collega’s of zorgprofessionals. Mensen die het werk begrijpen en ook de humor die erbij hoort om je staande te houden. Mensen die aan een half woord genoeg hebben om te herkennen waar je je bevond in die specifieke situatie rond een overlijden.

“Praten doe je het liefst met mensen die je werk begrijpen, én de humor erbij. Mensen die aan een half woord genoeg hebben.”

Verduurzamen

Niets houdt lang stand als we het niet duurzaam doen. We zijn er niet met zorg voor elkaar. Gelukkig zien we al beweging in de verduurzaming van de uitvaartbranche. En terecht, want het bewustzijn rond de ecologische voetafdruk vraagt ook in ‘onze’ branche om aandacht. Zo zie je meerdere producenten inspelen op duurzame(re) materialen, producten en technieken. Waar de grootste slag nog kan worden gemaakt is kennis. Want wat houdt verduurzamen nou precies in? Een aantal opleiders en brancheverenigingen speelt al in op deze kennisverdieping. Maar ik denk ook dat we veel uitvaartprofessionals nog laagdrempelige handvaten mee kunnen geven. Van uitvaartlocaties, tot facilitaire bedrijven, producenten en natuurlijk de uitvaartondernemers en -begeleiders zelf.

Kennis

Welk steentje kan eenieder bijdragen? Is alles waar het label ‘duurzaam’ aan hangt wel zo duurzaam? Hoe toets je dat? Een natuurbegrafenis is vanuit ecologisch oogpunt bijvoorbeeld minder effectief wanneer je met een stoet auto’s op fossiele brandstof de afstand aflegt naar de begraafplaats. En ook niet als de ecologisch vervaardigde kist van ver moet komen. Anderzijds helpt het wanneer horeca-inkoop lokaal wordt gedaan. Daarnaast kunnen we misschien nog meer kennis delen over de impact van kleding en schoeisel die een overledene aan krijgt bij de verzorging.

Kortom: verduurzaming gaat over producten, waar die vervaardigd worden, onder welke omstandigheden en over een geheel aan logistieke beslissingen dat invloed heeft op duurzame inzet van mens, techniek en materiaal.

Balans

Maar naast dat alles moeten professionals duurzaamheid ook in goede balans proberen te brengen met de wensen van de overledene en nabestaanden. De ene uitvaartleider vindt het lastig om duurzaamheid actief, maar subtiel aan de klant te adviseren. Voor de ander is het bijna een randvoorwaarde dat alles duurzaam is. Zij zijn de voortrekkers in onze branche. Laten we elkaar helpen om allemaal de stap te maken naar een lagere ecologische voetafdruk. Zonder vooroordeel, maar met de juiste kennis in huis. Durf bij je collega-ondernemers te vragen hoe je duurzaamheid het beste kunt implementeren. Want uiteindelijk is dat de weg die we allemaal op moeten gaan.

“Laten we elkaar helpen om allemaal de stap te maken naar een lagere ecologische voetafdruk.

Zorg voor elkaar

Werkgevers en collega’s doen er goed aan oog en oor te hebben voor de situaties in het werk, voor de verhalen. Ook kleine ondernemers doen er verstandig aan eens te babbelen met mensen uit hun netwerk. Om hun kennis over duurzaamheid te vergroten, om te leren van elkaars ervaringen en om een luisterend oor te hebben waar dat nodig is. Als een collega tegen een grens aan dreigt te lopen. Vaak gaat het overigens niet over uitgebreide snikverhalen. Veelal gaat het gewoon over je verhaal kunnen doen. Soms is dat al genoeg.

Doen we dit niet, dan kan het zijn dat heel goede uitvaartprofessionals ineens omvallen. De grootste ‘diehards’ knappen ineens of worden emotieloos. Dat is niet wat we moeten willen.

“De grootse ‘diehards’ knappen ineens of worden emotieloos.”

Uitvaartzorg gaat wat mij betreft over zorg voor onze klanten, voor de toekomstige wereld, maar ook over zorg voor elkaar.”


Evert de Niet

Duurzaam dienstbaar. Ook aan jezelf

Zijn markante kop, met zijn ruige witte haren, blijft tijdens branchebijeenkomsten nooit onopgemerkt: Evert de Niet, decennialang het boegbeeld van Algemeen Belang in Groningen, tegenwoordig ‘Delaman’, zoals hij dat zelf uitdrukt, en ook heel actief als voorzitter van Stichting GreenLeave, voor duurzame uitvaarten. In die hoedanigheid beantwoordt hij de vraag hoe de uitvaartbranche duurzamer en inclusiever kan, en vooral hoe medewerkers duurzaam in de branche aan het werk kunnen blijven. Duurzaamheid is immers een breed begrip.

Definitie

“Duurzame inzetbaarheid betekent dat werknemers in hun arbeidsleven doorlopend over daadwerkelijk realiseerbare mogelijkheden en over de voorwaarden beschikken om in huidig en toekomstig werk met behoud van gezondheid en welzijn te (blijven) functioneren.” Een fraaie definitie die ik tegenkwam en eens tegen het licht houd.

Roeping – professie

Ooit begon je als bijbaan, van de koster of de timmerman (‘voorloper, kraai, aanzegger’), nu is het een roeping voor velen.

Het vak waar je vroeger inrolde is nu, in 2022, een bewuste keuze voor een professie, een beroep. Waarmee niet gezegd is dat het geen roeping kan zijn natuurlijk. Iets dat je in de hele zorgsector tegenkomt.

Op zich is passie een geweldige motor om voor het beroep te kiezen, maar daarmee ben je nog geen zorgprofessional. Daar komt veel meer bij kijken.

“Bezoekers beoordelen je meer op je professionele houding.”

Natuurlijk, je klant vindt de persoonlijke gedrevenheid mooi en waardeert die en toch word je door diezelfde klant ook afgerekend op hoe je je als professionele dienstverlener hebt gemanifesteerd. Datzelfde geldt voor de bezoekers van plechtigheden die met iets meer afstand naar je werk kijken.

Werken in een uitvaartbedrijf vraagt nogal wat van de mensen die het werk doen. Het jezelf ontwikkelen in je vakmanschap kost de nodige energie en inspanning. Je bent inhoudelijk en betrokken, het dienstbaar zijn aan de klant vraagt veel aandacht.

Dan is het ook belangrijk om jezelf te blijven ontwikkelen met de juiste aandacht voor het eigen welzijn. Dienstbaarheid moet verder gaan dan die aan de ander: het moet ook dienstbaarheid aan jezelf zijn. Jouw ontwikkeling en jouw welzijn zijn belangrijk.

Hoe blijf je overeind?

Hier zijn we aangeland bij de duurzame inzetbaarheid. Hoe zorg jij er samen met je werkgever voor dat je blijft staan, overeind blijft.

Klantwensen veranderen en dat vraagt niet alleen lichamelijke, maar zeker ook geestelijke inspanningen van de uitvaartverzorger. En dan is de vraag: kan je daar goed in mee, heb en hou je genoeg ruimte in je hoofd?

In de cao voor de uitvaartbranche wordt het begrip genoemd, maar niet uitbundig uitgewerkt. En er staat bij dat van met name bedrijven met meer dan 25 werknemers ‘in dit verband een actieve opstelling wordt verwacht’.

Opvallende grens: juist bij bedrijven met een kleinere omvang is de druk groot en wordt veel van de flexibiliteit van de mensen gevraagd!

Ook is dit onderwerp belangrijk voor de zzp’er. Hoe houdt deze zich vitaal, hoe borgt die de eigen duurzame inzetbaarheid?

“Juist bij bedrijven met een kleinere omvang is de druk groot en wordt veel van de flexibiliteit van de mensen gevraagd!”

www.duurzameinzetbaarheid.nl

Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft een website opgetuigd waar je van alles kunt vinden over het onderwerp duurzame inzetbaarheid. Aan de hand van thema’s, een stappenplan, mogelijke interventies en nog veel meer, kan je de reis maken.

Gelukkig lees ik er ook dat je het wiel niet opnieuw uit hoeft te vinden en dat er al veel informatie, ook wetenschappelijke, voorhanden is. Natuurlijk is dat zo! Het zou toch gek zijn als duurzame inzetbaarheid een nieuwe ontwikkeling zou zijn die we moeten leren ontdekken en vormgeven. Welnee, dat doen we allang.

Iedere zichzelf respecterende werkgever zorgt voor de mensen die in het bedrijf werkzaam zijn. Denk aan Philips met de woningen, sportvoorzieningen en noem maar op, alles om de mensen ook buiten hun werk zorg en support te geven.

Blijven bewegen

Volgens mij hebben vele werkgevers in de uitvaartbranche aandacht voor duurzame inzetbaarheid. Niet meer met eigen sportvoorzieningen en woningen, maar bijvoorbeeld met gezondheidsapps en fitnessregelingen. Dela kent bijvoorbeeld het Vitaalplan met bijbehorende app en tips. En voor geestelijke support kun je dag en nacht bellen met de Luisterlijn. Dat kan zeker in deze coronatijd uitkomst bieden.

In de uitvaartbranche heb ik dit ook zien bewegen in de loop van de jaren dat ik daarin werkzaam ben. Maar we zijn er nooit, de beweging moet blijven.

We moeten het onderwerp actueel maken en houden. Deze tijd vraagt om andere invulling, rekening houdend met alle mogelijkheden van nu, de digitalisering niet in de laatste plaats: de familie maakt digitaal de eigen rouwkaart, we gebruiken digitale informatielijnen, mailen en whatsappen met de families. De digitalisering brengt nieuwe mogelijkheden – zoals de al genoemde gezondheidcheckapps – maar ook nieuwe uitdagingen. Hoe bescherm je je privacy, hoe zorg je dat je ‘uit’ staat en hoe rond je na de uitvaart een contact af?

Zorgketen

We hoeven het wiel ook hier niet opnieuw uit te vinden. We maken deel uit van een hele zorgketen! Alle zorgverleners hebben hiermee te maken, we kunnen van hen leren.
Vitaliteit, duurzaamheid: het is ook belangrijk dat we als werkers in de uitvaartbranche op een goede wijze de overstap kunnen maken naar andere branches. Dus wat vinden we van deze mogelijkheden? Dat is best een interessante vraag. Is onze branche ook wat betreft arbeidsvoorwaarden interessant genoeg om naartoe over te stappen?

Vooral in managementfuncties is de financiële stap vanuit het bedrijfsleven niet voor iedereen aantrekkelijk. Wat bieden we hierin aan? Boeiende vragen zijn er dus genoeg.”