Na de dood van haar man wist theatermaakster en schrijfster Nicoline van de Beek (63) niet meer hoe ze moest schrijven of creëren. Maar toen ze afleiding zocht in haar moestuin, merkte ze dat ze ongemerkt parallellen trok tussen haar rouwverwerking en de cyclus in haar tuin. Het leverde haar niet alleen een boek op, maar uiteindelijk ook haar eigen rouwtuin waarin ze verbinding legt tussen mensen met verdriet over een verloren dierbare.
Nicoline is theatermaakster, schrijfster én tuinvrouw. Toen haar man, kunsthistoricus Ton van Kempen (62), na een ziek-zijn van viereneenhalf jaar overleed, was ze uitgewrongen en op. Zelfs schrijven lukte niet meer. Toch verschijnt dit jaar haar boek De tuinvrouw en de dood – dagboek van liefde en rouw, inklinken en aanaarden. “Ik heb mijn hele leven geschreven en in mijn diepste rouw wilde ik mijn gevoelens kwijt in mijn dagboek zoals ik dat altijd deed. Maar het lukte niet. Ja, ik kon opschrijven: ik voel me verdrietig, maar dat zou ik jaren kunnen volhouden. Ik had voor het eerst in mijn leven geen woorden voor mijn dagboek. Er moest iets gebeuren, ik moest in beweging komen, want ik was bang dat ik gek werd van verdriet. Ik nam mijn schrijfschriftje mee naar mijn moestuin, ruim een kilometer van mijn huis. Iedere ochtend wandelde ik erheen, bij de opkomende zon. Onderweg voelde ik wat zich aandiende, waarover ik zou schrijven. Als ik dan aan mijn schrijftafeltje zat was het net of de tuin tot mij sprak, die bood allemaal vergelijkingen aan.”
Log in of abonneer om het artikel te lezen.
Wilt u een account aanmaken?
Registreer