Log in
Uitvaartverzorgers hebben een – overigens omstreden – beroepsregister. Hoe garanderen aanverwante beroepen als overledenenverzorgers, ritueelbegeleiders, crematorium- en begraafplaatsmedewerkers en uitvaartfotografen de kwaliteit?
Ingeborg van den Wijngaart

Bijscholing, nascholing, beroepsprofiel, beroepsstandaard, curriculum, register, permanente educatie: het educatiemanagementjargon is tot de uitvaartwereld doorgedrongen. In 2006 werd het Keurmerk Uitvaartzorg ontwikkeld, later kwam er een scholingseis bij en werd het Nationaal Vakexamen Uitvaartzorg (NaVU) opgericht. Sinds begin dit jaar geldt er voor NaVU-geregistreerde uitvaartverzorgers een bijscholingsplicht. Het keurmerk is echter van begin af aan omstreden en slechts een kwart van de uitvaartverzorgers heeft het. Wel zou men graag breder gebruik maken van de klachtenregeling (de Ombudsman Uitvaartwezen) bleek uit gesprekken die Ton Heerts vorig jaar met de branche voerde (in opdracht van Dela). De branche is met het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties (BZK) in gesprek over een andere vorm van kwaliteitsborging.

Hoe zorgen aanverwante beroepen dat de kwaliteit op peil blijft? In opdracht van BGNU heb ik beroeps- en ledenverenigingen van overledenenverzorgers, ritueelbegeleiders, crematorium- en begraafplaatsmedewerkers en nazorgconsulenten gevraagd hoe zij de kwaliteit borgen. Dit artikel heb ik daarna geschreven volgens de gebruikelijke journalistieke normen.

Vrij beroep