Log in
Rampen trekken aandacht. Vliegtuigongelukken en tsunami’s komen onverwacht, veroorzaken veel slachtoffers en herdenkingsplechtigheden worden tegenwoordig live uitgezonden. Hoe ging dat vroeger? Welke rampen stonden in de belangstelling en hoe verliep de lijkbezorging?
Wim Cappers

Rampspoed ontstond ook vroeger door de grillige natuur en menselijk falen. Overstromingen als de Sint Elisabethsvloed uit 1421 eisten veel slachtoffers. Maar het waren vooral ziektes die gemeenschappen decimeerden. Zo leidden de veertiende-eeuwse pestepidemieën tot grote sterfte. De pest maakte geen onderscheid tussen arm en rijk. Mensen waren bang voor pestdoden. Daarom lieten stedelijke overheden sterfhuizen wel met bossen stro markeren. Ook beperkten ze het klokgelui om de overlevenden niet te ontmoedigen. De lijkbezorging week af van de gebruikelijke begrafenis door gilden of buren. Cellenbroeders droegen de lijken naar kerk en hof.

Buskruit en malaria

Een voorbeeld van menselijk falen is de Leidse buskruitramp in 1807. Een daar aangemeerd kruitschip ontplofte door onbekende oorzaak: er vielen zo’n 150 doden. Eén van hen was Adriaan Kluit. Deze Leidse hoogleraar had zich in 1777 ter bevordering van de hygiëne tegen het begraven in kerken uitgesproken. Zijn stoffelijk overschot werd begraven in Katwijk aan Zee, waar een begraafplaats buiten de bebouwde