Jongeren denken en praten op uiteenlopende manieren over de dood en zijn prima in staat met meerdere concepten te jongleren. Volwassenen doen er goed aan naar ze te luisteren en niet bij voorbaat monddood te maken.
‘Strike a pose’, met vriendinnen in de kist tijdens Museumn8.
Volwassenen gaan er nog weleens vanuit dat jongeren niet over de dood nadenken, dat niet kunnen en dat niet zouden moeten doen. De Engelse socioloog Sarah Coombs daagt deze veronderstellingen uit door het enthousiasme van jongeren te benadrukken om zich met dit onderwerp bezig te houden, en publiceerde hierover Young People’s Perspectives on End-of-Life: Death, Culture and the Everyday (Palgrave Macmillan, 2017).
Actief, creatief en positief
Jongeren hebben alledaagse ervaringen en ontmoetingen met de dood via de media (de dood op afstand) en via persoonlijke ervaringen (de dood van dichtbij). Coombs constateert dat culturele scripts uit populaire media rijke voorstellingen van de dood bieden en dat deze worden gebruikt als vensters waardoor individuele gedachten en ervaringen worden uitgedrukt. Maar jongeren zijn zéker geen passieve ontvangers van zulke voorstellingen: ze construeren actief, creatief en positief hun eigen perspectieven op sterven en de dood.