Log in
Overledene had in de jaren 60 voor onbeperkte tijd grafrechten gekocht bij een gemeentelijke begraafplaats. Enkele jaren geleden is de begraafplaats in handen van een stichting gekomen.
Eddy Heuzeveldt

Na het overlijden van de rechthebbende vragen de erfgenamen of het contract op hun naam gesteld kan worden. Het bestuur van de stichting stelt dat er voor de komende tien jaar wel een bijdrage van 250 euro moet worden betaald voor het onderhoud van de begraafplaats.

De erfgenamen zijn het hier niet mee eens. Bij de vestiging van de grafrechten waren geen bepalingen opgenomen die het mogelijk maken om later toch onderhoudskosten te berekenen. Soms zijn er verordeningen die zo’n bijdrage mogelijk maken. In dit geval was dat niet zo. Daarom heb ik de klacht gehonoreerd en hoeven de erfgenamen niet bij te dragen aan het onderhoud. Overigens heb ik er wel aan toegevoegd dat het op grond van maatschappelijke veranderingen niet onredelijk zou zijn om na verloop van zoveel jaren een bijdrage te vragen. Ik moet mij echter beperken tot de juridische positie en die pakte in het voordeel van de erfgenamen uit.